headerbg bl
HomeNatuur en landschapNatuurKnokke-Heist natuurlijkHet stadsgebied - Oude muren en gevels

Het stadsgebied - Oude muren en gevels

Planten op oude muren


Planten kunnen op de gekste plaatsen groeien – zelfs op oude, verweerde muren. Meestal zijn het soorten die eigenlijk in gebergten thuishoren waar ze in natuurlijke rotsspleten wortelen. In de stad maken ze gebruik van barsten en holten in voegen met kalkrijke mortelspecie.

klimopDe muurvaren, een stille sloper

Dit is een klein, donkergroen plantje waarvan de leerachtige blaadjes het hele jaar groen blijven. In tegenstelling tot andere varens kan de muurvaren zich gemakkelijk op een stenige ondergrond vestigen. Daarvoor zijn heel kleine oneffenheden in het kalkrijke cement van de voegen van oude muren al voldoende. Door de groei van de wortels raken de kalkvoegen meer en meer verweerd, waardoor ook andere plantende kans zien om er zich te vestigen.

De muurbloem, één van de mooiste

Deze prachtige muurplant is vermoedelijk afkomstig uit het Middellandse-Zeegebied, en is nadien hier verwilderd. De muurbloem houdt alleen stand op zeer oude, verweerde muren die met een zachte kalkrijke mortel zijn gevoegd. Meestal groeit de muurbloem niet op loodrechte delen van de muren, maar op uitspringende randen. De plant heeft langwerpige, behaarde bladeren . De oranjegele bloemen verspreiden een heerlijk zoete geur. Eigenlijk is de muurbloem één van de mooiste muurplanten, maar ze is helaas vrij zeldzaam.

Planten op de gevels


gevelbegroeiingDe laatste tijd is gevelbeplanting ‘in’. Maar het is meer dan alleen maar een modeverschijnsel. Zulke beplanting heeft immers heel wat voordelen. Tussen hun takken en bladeren en de muur houden gevelplanten een luchtlaag vast, waardoor ze een isolerend effect hebben en ervoor zorgen dat de muur droog blijft. Wel is het belangrijk om gevelplanten uit de buurt van dakpannen en dakgoten te houden. Sommige groeien immers onder de pannen door en kunnen die na verloop van tijd optillen, zodat het dak niet meer waterdicht is. Of soms verstoppen ze goten en aflopen.

kamperfoelieKamperfoelie, een geurige slingerplant

De kamperfoelie is een slingerplant die van een of andere steun, zoals een plantenklimrek of een struik, gebruik maakt om zich omhoog te werken. Deze plant groeit ongeveer een meter per jaar en kan enkele tientallen jaren oud worden. Meestal zijn de bloemen wit, geel of rozerood van kleur. Vooral ’s avonds verspreiden ze een sterke geur, waardoor ze veel nachtvlindersoorten aantrekken. Die komen met hun lange roltong nectar uit de bloemen halen.

Klimop, altijd groene gevelmantel

Klimop is een zelfhechtende plant. Hij heeft geen constructies of andere planten nodig om op te steunen en zich naar boven te werken, maar zuigt zich aan de gevel vast met zijn hechtwortels. Hij blijft altijd groen: ’s winters behoudt hij zijn bladeren, zodat het hele jaar door de muur geïsoleerd blijft en allerlei dieren er beschutting vinden. Omdat ze met een waslaagje bedekt zijn, bevriezen de bladeren niet. Pas na tien jaar vormt de plant in het najaar halfronde, onopvallende bloemschermen.

In de winter geven de zwarte bessen een mooi, decoratief tintje aan de klimop. Klimop kan wel dertig meter hoog worden! Zo groeit hij soms tot hoog in de kruinen van oude bomen.

Dieren


merelHeel wat spinnen, insekten en andere kleine dieren vinden een onderkomen in het dichte gebladerte tegen de gevel. Dat is ook een reden waarom vogels zoals heggenmussen en winterkoninkjes er zo graag in rondscharrelen en in nestelen.

De merel geeft graag concerten

Overal waar een grasperkje is, duikt deze bekende vogel op. Hij trippelt er dan over de grond tot er een regenwormp te voorschijn komt. Daar is hij immers dol op. Er zijn enkele opvallende verschillen tussen het mannetje en het vrouwtje. De volwassen mannetjes zijn zwart en hebben een gele snavel, terwijl de vrouwtjes onopvallend donkerbruin gekleurd zijn. De merel zingt graag in de lente en ’s ochtends vroeg. Op een tak of zelfs op een schoorsteen laat hij zijn melodieën luid weerklinken.

heggenmusDe heggenmus is niet zo trouw

De heggenmus is wat fijner van bouw en kleiner dan de huismus, en hij heeft een fijne snavel. Hij hipt op de grond met korte, schuifelende sprongetjes. Eigenlijk is het een onopvallend vogeltje dat leeft van insecten en zaden. Meestal zingt hij op de top van een boom of een struik. Zijn zang lijkt wel op die van de winterkoning, maar dan zonder trillers en veel stiller. Zijn nest is een kleine kom van gras, gevoerd met haar en mos. Merkwaardig is dat zowel het mannetje als het vrouwtje er meerdere partners tegelijk op na kunnen houden. Zo ontstaan er in gebieden waar veel heggenmussen nestelen heel wat vreemde driehoeksverhoudingen.

winterkoningDe winterkoning is een kleine, maar dappere zanger

Dit is een klein, bezig vogeltje dat voortdurend zijn opgewipte staartje op en neer laat gaan. Als je goed toekijkt, zie je hem bovendien grappige buigingen en sprongetjes maken wanneer hij iets nieuws ontdekt. Op zijn menu staan vooral insecten en spinnetjes. Als je zijn zang hoort zou je denken dat hij een echte lefgozer is – zo’n klein vogeltje en toch zo’n stemvolume!

Gierzwaluwen doen alles in de lucht

huiszwaluwen-met-nestgierzwaluwGierzwaluwen zijn snel vliegende vogels die vooral in steden leven en er zich nestelen in spleten in gevels en dakgoten. Het zijn geen echte zwaluwen; ze zijn familie van de kolibrie. Hun naam ontlenen ze aan het feit dat met een gierende roepdoor de lucht vliegen. Deze vogels brengen trouwens het grootste deel van hun leven in de lucht door – zelfs paren en slapen doen ze in de lucht – en hun lichaam is volledig aan die levenswijze aangepast. Met hun smalle, sikkelvormige vleugels en hun korte, gestroomlijnde lichaam kunnen ze heel snel en behendig vliegen. Ze jagen op insecten die ze met hun brede bek in de lucht opvangen. Hun pootjes zijn erg kort, maar hun teentjes hebben wel scherpe klauwtjes waarmee ze zich aan muren vast kunnen klampen.

De huiszwaluw doet het goed in Knokke-Heist

Huiszwaluwen overwinteren ten zuiden van de Sahara. Begin april komen ze in ons land aan, maar het duurt tot eind mei voor ze allemaal terug zijn. De najaarstrek begint half augustus en bereikt zijn hoogtepunt aan het eind van september. Huiszwaluwen vormen in Knokke-Heist kleine kolonies. Ze bouwen komvormige nesten van slijk onder dakgoten of uitstekende dakranden. Alleen bovenaan in het nest zit een kleine opening. In tegenstelling tot op andere plaatsen in ons land zijn er in Knokke-Heist nog erg veel huiszwaluwen.

| inhoudstafel |

Afdrukken E-mail

HoofdpuntenInterresante rubriekenZoekenAndere informatie
Startpagina
Activiteiten
Nieuws
Gastheerschap
Musea in de Zwinregio
Kustmusea
Geschiedenis
Reecz
Publicaties heemkunde
Tijdslijn
Bibliotheek
Europese projecten
Contact
Copyright © 2017  - Zwinstreek.eu - Alle rechten voorbehouden.